Fox 22

De verschillende typen (zeil)wedstrijdbanen:

Een zeilwedstrijd wordt gezeild op een wedstrijdbaan. Er bestaat een grote variëteit aan banen die gezeild kunnen worden. Afgelopen jaren kozen de wedstrijdleiders van zeilwedstrijden steevast uit drie varianten; de driehoek, de Olympische baan of de zandloper. De Olympische baan heeft op de zandloper en de driehoek vóór dat er een voor-de-winds rak in zit, met als bonus een tegenwindse route. Maar er is de laatste tijd een nieuwe wedstrijdvariant bij gekomen; de gate-baan.

Zeilen is een samenspel met de natuurlijke elementen; wind en water. Bij wedstrijdzeilen gaan strategie, tactiek, techniek en teamwerk hand in hand. Daarom geeft zeilen de echte zeiler het ultieme gevoel van vrijheid. Een goede zeiler weet hoe hij moet spelen met de golven, de winddraaiingen, de buien, de stroming en hoe hij het kat-en-muisspel met zijn directe tegenstanders kan winnen.

De basis van het wedstrijdzeilen is heel gemakkelijk te begrijpen. Alle boten van een klasse starten op hetzelfde moment en varen een vooraf bepaalde baan rond een aantal boeien. De eerste boot krijgt 1 punt, de tweede 2, enz. De punten van alle wedstrijden worden opgeteld. Het slechtste resultaat mag worden afgetrokken. De zeiler die opgeteld het laagste aantal punten heeft is winnaar van een regatta. Niet gemeten jachten varen vaak op SW-handicap.

De wedstrijdbanen:

Een wedstrijdbaan bestaat uit boeien, die speciaal voor de zeilwedstrijd zijn uitgelegd, of uit obstakels die er al liggen (eilanden, vaste betonning, etc.). Er zijn verschillende soorten wedstrijdbanen, maar er is in ieder geval een start- en finishlijn, bestaande uit twee boeien of een boei en een start/finishschip. Het wedstrijdcomité probeert de startlijn altijd precies haaks op de windrichting te leggen, waardoor het niet uitmaakt aan welk einde van de lijn de zeiler start. Tussen de start en de finish moet je dan nog een aantal andere boeien ronden. Op iedere baan zal je alle koersen moeten varen: voor-de-wind, ruime-wind, halve-wind en aan-de-wind. De start is altijd in de wind: de eerste boei na de startlijn ligt dus bovenwinds. De finish kan op elke plaats van de te varen baan zijn, naast het startschip of een bijboot van de wedstrijdcommissie. De finish is altijd een rechte lijn.

Wanneer er geen beperkingen zoals eilanden of ondiepten in de wedstrijdbaan liggen wordt veelal gebruik gemaakt van een viertal type wedstrijdbanen, dit zijn:

  1. Driehoeks-baan
  2. Olympische-baan (driehoek + lus)
  3. Zandloper-baan
  4. Gate-baan(op- en neerbaan)

Driehoekbaan:

Een door drie boeien gemarkeerde wedstrijdbaan (triangle) is een driehoekbaan. Vroeger werd deze baan ook wel de Olympische baan genoemd. Een driehoek geeft een lang kruisrak, een half-winds rak en een ruim-winds rak. Een baan met drie gelijke rakken, die telkens in een hoek van 60° ten opzichte van elkaar staan.

Vaarroute 1-2-3, 1-2-3, 1-2-3

Bij internationale wedstrijden heeft elk rak een lengte van ongeveer één zeemijl. Om de SW-rating het best tot uitdrukking te laten komen vinden sommige deskundige het verstandig dat de wedstrijdcomités zoveel mogelijk een driehoeksbaan laten varen. Het betekent uitdrukkelijk niet dat andere banen verboden zijn, maar dan zal de handicap minder reëel zijn.








De Olympische baan: (driehoek +lus)

Op de Olympische spelen wordt deze baan niet meer gebruikt, maar zeilen de meeste klassen op een vierhoekige baan. De Olympische baan wordt ook wel driehoek- lus- driehoek genoemd. Bij een Olympische baan vaar je na de start eerst een kruisrak naar de bovenwindse boei, vandaar vaar je in twee rakken, via de ‘gijpboei’, weer naar de benedenwindse boei. Daarna volgt weer een kruisrak. Na ronden van de bovenwindse ton volgt een voor-de-winds rak, de ‘lus’. Na het ronden van de onderwindse ton wordt de volgende driehoek weer gezeild. Als laatste volgt nogmaals een lus.

Vaarroute 1-2-3, 1-3-1, 1-2-3 en nogmaals 1-3-1.









De Zandloper:

Een veel gebruikte wedstrijdbaan is de zandloper. De zandloper heeft altijd 2 mooie kruisrakken en 2 voor-de-windse rakken. Deze kan zowel om bakboord als om stuurboord worden gevaren. Afhankelijk van de wind en tijdsduur van de wedstrijd kan deze meerdere keren worden gevaren.







Vaaroute: 1-2-3-4, 1-2-3-4 en nogmaals 1-2-3-4.








Varianten:

Natuurlijk zijn er allerlei varianten te bedenken. Zo is er een bijvoorbeeld een trapezium- en een vierkante variant. De zogenaamde ‘gekantelde zandloper’ is een uitdagende baan met een zeer lang kruisrak, vele gijpboeien en zelfs een halve-winds rak. Tussen de start en de finish moet je dan nog een aantal andere boeien ronden.


Foto: Edwin Edens fotografie

Nieuwe wedstrijdvariant:

Maar wat wil een wedstrijdcomité? Meer spanning, tactiek en vernuft en daardoor wisseling van posities. En wat zien we vaak in de praktijk. Een soort ‘admiraalzeilen‘ waarbij de boten keurig achter elkaar hun rondjes varen. Schippers worden niet uitgedaagd om risico’s te nemen, maar volgen de boot die vóór hun ligt. Die moeten ze tenslotte inhalen om een hogere positie te behalen in het klassement. Maar er is de laatste tijd een nieuwe wedstrijdvariant bij gekomen; de gate-baan. 

De gate-baan:

Deze wedstrijdbaan bestaat uit banen in de wind en voor de wind. In de zeilerswereld ook wel windward – leeward, of ‘op en neer baan’ genoemd. De officiële benaming op z’n Engels; de gate-baan. De verwachting is dat het risico van ‘kielliniezeilen’ waarbij de boten bijna de hele wedstrijd in een vaste volgorde achter elkaar aan varen vermindert. Het grote verschil met de bestaande routes zit in de voor-de-windse route. Met de wind in de rug hoeven de schippers in de gate-baan niet allemaal op dezelfde onderwindse ton te koersen. Want in plaats van één liggen er twee onderwindse boeien (op tekening boei 3 en 4) in het water, op ongeveer 200 meter afstand van elkaar. De schippers zijn verplicht de lijn -gate- tussen deze boeien te kruisen. Daarna mogen ze kiezen of ze, alvorens het kruisrak weer in te gaan, de bakboord (linker) of stuurboord (rechter) ton ronden. Dat kan afhangen van een veelheid van factoren. Het komt nu veel meer aan op tactiek, zeilinzicht en vernuft. Hierdoor zullen de schippers elkaar ook veel minder in de weg zitten, waardoor er meer spanning en wisseling van posities komt.

Ook bij de bovenwindse ton (op tekening boei 1) verandert het nodige. Wat blijft is dat alle schippers de ton wel op dezelfde wijze moeten passeren, waarbij het de kunst is de gunstigste voorrangspositie te verwerven. Nieuw is dat iets verderop en lager aan de wind een nieuwe markering (boei 2) ligt. Deze boei wordt ook wel de ‘wegbrengboei’ genoemd. De verplichte route naar ton 2 voorkomt dat de snelste schepen meteen na het ronden van boei 1 terugkoersen naar de benedenwindse ‘gate’. Ze kunnen dan in het vaarwater van de laverende concurrenten terecht komen met alle problemen van dien. Het wordt veiliger en er is minder kans op schade zeggen wedstrijdleiders. De verwachting is dat de gate-baan steeds meer terrein zal winnen en steeds vaker zal worden toegepast.

Vaarroute 1 - 2 - 3/4,  1 - 2 - 3/4


Foto: Edwin Edens fotografie

Matchracen:

Matchracen is een ander spelletje dan fleetracen, het met een hele vloot een wedstrijd van zo'n anderhalf uur varen. Matchracen is de ene boot tegen de andere, op een overzichtelijke wedstrijdbaan in duels van nauwelijks een kwartier per keer. Anders, niet leuker dan fleetracen. Matchracen is een veelzijdige dicipline waarin alles van je wordt gevraagd. Élke klap moet raak zijn, élke handeling moet snel en goed worden uitgevoerd. Bij de Olympische spelen wisselen teams voortdurend van boot, die pas enkele minuten voor de start betreden mag worden. Het wedstrijdwater heeft een lengte van ongeveer twee voetbalvelden lang. Een race duurt meestal twee rondjes.

Matchracen is een vorm van wedstrijdzeilen die voor zowel beginnende als gevorderde zeilers en publiek spectaculair is. Omdat bij matchracen korte wedstrijdjes gevaren worden, ook op klein water, is dit ook goed in de avonduren te doen. Het zijn overzichtelijke wedstrijden waarvan de uitslag direct bij de finish bekend is. Een matchrace is een 1 tegen 1 zeilwedstrijd en wordt altijd op windward - leewardbanen gevaren. Het verschil met fleetracen is dat er voortdurend een juryboot meevaart, met aan boord een scheidsrechter. Als een team denkt dat de opponent een overtreding heeft begaan, wordt een vlag opgestoken. Als de jury vindt dat sprake is van een fout, wordt een penalty uitgedeeld: een strafrondje varen. Een strafronde kost je ongeveer 15 seconden.


The America’s Cup:

Matchracen is niet nieuw. Het is vooral bekend van de oudste en meest prestigieuze cup, the America’s Cup. Het is een spectaculaire discipline die steeds meer aan populariteit wint. Er zijn enkele specifieke wedstrijdregels, vooral de startprocedure wijkt af van die van andere zeilwedstrijden. Matchracen vraagt veel tactiek, boothandling en teamwerk


Duel op het water:

Matchracen in de zeilwereld is duelleren op het water. De ultieme strijd tussen twee boten op een klein parcours. Iedere seconde telt. Manoeuvres perfect uitvoeren, goede communicatie aan boord en het nemen van de juiste tactische beslissingen zijn van essentieel belang. Het belangrijkste doel is het vooraan komen bij de start, omdat de wedstrijd dan al grotendeels gewonnen is. Tactisch inzicht en het juist inspelen van het team op de wind, de boot en de tegenstander bepalen of je doorgaat naar de volgende ronde. De tegenstanders kunnen elkaar -volgens de regels van het wedstrijdreglement– proberen te hinderen om zo een voorsprong te krijgen.